Zuinig met rabiës-vaccin
Het aantal vaccins en immunoglobulinen tegen hondsdolheid (rabiës) is beperkt, en voldoet niet aan de wereldwijde behoefte. Wat Europa betreft, stellen onderzoekers onlangs in Eurosurveillance, dat het wenselijk zou zijn om de verschillende praktijkrichtlijnen van Europese landen eens goed tegen het licht te houden. Het vermoeden bestaat dat sommige landen overreageren en andere juist te karig voorschrijven. Hondsdolheid wordt veroorzaakt door een Lyssavirus , waarvan verschillende typen circuleren, die bijna allemaal ook besmettelijk zijn voor de mens. De belangrijkste dierreservoirs zijn: wilde en tamme vleeseters (zoals de vos, wolf, hond, kat) en sommige soorten vleermuizen. Het virus wordt uitgescheiden door besmette ('rabide') dieren in het speeksel en wordt overgebracht door bijten of likken. Via de slijmvliezen of huidwondjes kan het virus binnendringen. Zonder behandeling is besmetting dodelijk, ook voor dieren. Sinds de ontdekking van Louis Pasteurs rabiësvaccin, is hondsdolheid een ziekte die voorkomen kan worden. Behalve profylaxe door een vaccin, worden ook kant-en-klare antistoffen (immunoglobulinen) gegeven als de blootstelling aan het virus voldoet aan de criteria van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO).
Reageer of vul aan:



