Test vrouwen eerst op virus
De opsporing van baarmoederhalskanker kan beter. Daardoor hoeven veel vrouwen minder vaak een uitstrijkje te laten maken en worden elk jaar 10 procent meer gevallen van baarmoederhalskanker opgespoord. De Gezondheidsraad schrijft dat in een advies dat morgen wordt aangeboden aan minister Schippers van Volksgezondheid. Dat meldt de Volkskrant vandaag. In plaats van zoeken naar afwijkende cellen in een uitstrijkje, kan het weefsel beter worden getest op de aanwezigheid van HPV, het virus dat baarmoederhalskanker veroorzaakt, vindt de raad. Blijkt een vrouw daarmee besmet, dan wordt haar weefsel alsnog microscopisch onderzocht. Minder sterfgevallen 'Door te testen op de veroorzaker van de kanker kunnen we beter selecteren, en vervolgens extra letten op de eventuele aanwezigheid van afwijkende cellen', zegt Gemma Kenter, gynaecologisch oncoloog en lid van de adviescommissie van de Gezondheidsraad, vandaag in de Volkskrant. 'Zo zullen we jaarlijks 75 vrouwen extra met baarmoederhalskanker opsporen en 18 sterfgevallen vermijden.' HPV is een seksueel overdraagbaar virus. Boven de 40 jaar is de kans op nieuwe besmetting gering. Omdat het ruim 10 jaar duurt voor zo'n besmetting uitmondt in kanker, hoeven vrouwen ouder dan 40, als ze niet zijn besmet met HPV, zich nog maar elke 10 jaar te laten testen. Wel zal de HPV-screening al bij 25-jarigen beginnen, in plaats van bij 30 jaar.
Reageer of vul aan:



