Muggen tegen malaria
Onderzoekers aan het Imperial College van Londen hebben een manier gevonden om ziektevrije muggen de wereld te laten veroveren. Dat staat in Nature. In 2009 stierven 800 000 mensen aan malaria. Door muggen te ontwikkelen die deze en andere ziektes niet doorgeven, kan een groot aantal slachtoffers vermeden worden. Nu hebben wetenschappers deze muggen ook uitgerust met een evolutionair voordeel waarmee ze de gewone muggen kunnen overtreffen in aantal. Om ervoor te zorgen dat de labmuggen zich succesvol verspreiden, hebben onderzoekers zogenaamde egoïstische genen bij de muggen aangebracht. De genen werken zoals parasieten: ze kopiëren hun DNA in het genoom en voorkomen zo dat de mug nog malaria kan verspreiden. Andrea Crisanti en Austin Burt slaagden erin het homing-endonuclease gen (HEG) bij de Anopheles gambiae, de belangrijkste drager van malaria, in te brengen. HEG is een egoïstisch gen dat zichzelf een tweede maal kan kopiëren in planten, schimmels en bacteriën. Dat zorgt ervoor dat alle nakomelingen het gen ook dragen. Zo is er een maximale verspreiding van het gen. Om zeker te zijn dat de nieuwe muggen hun werk doen, introduceerden de onderzoekers de beestjes in een normale populatie, die een lichtgevende proteïne had gekregen. Het succes van de nieuwe muggen leiden de onderzoekers af uit het aantal lichtgevende muggen dat in leven bleef. Bij aanvang was slechts 1% van de populatie niet lichtgevend, maar al na twaalf generaties was 60% zijn lichtgevende eigenschap kwijt.
Reageer of vul aan:



